Idealistische verkiezingstaal

De campagnetijd is onmiskenbaar aangebroken. Kandidatenlijsten worden opgesteld, lijsttrekkers worden aangewezen – in het geval van de PvdA is dit een heuse verkiezing – en de meeste partijen hebben hun verkiezingsprogramma inmiddels gepresenteerd. Belangrijk, want hier hoort het in de politiek om te gaan: visie. En die visie krijgt concreet vorm in beleidsvoorstellen, waar de verkiezingsprogramma’s vol van staan.

Opmerkelijk

Tussen al die voorstellen kom je de meest opmerkelijke voorstellen tegen. Zo wil de VVD het algemeen bindend verklaren van CAO’s afschaffen. Oftewel: een groot deel van het Nederlandse poldermodel wordt hiermee aan de kant gezet. De SP pleit voor een Nationaal Zorgfonds, waarmee de zorgkosten zullen vermenigvuldigen en op de middellange termijn zelfs onbetaalbaar dreigen te worden. Blijkbaar verlangen ze terug naar de jaren ’70. Het kabinet-Den Uyl timmerde toen fors aan de weg met een uitgebreide verzorgingsstaat, maar daardoor moesten de volgende kabinetten (Van Agt en Lubbers-I) fors bezuinigen. Daarmee is Joop den Uyl wat mij betreft de beste leider die de SP nooit heeft gehad. De PVV is erin geslaagd om de visie en het beleid voor de komende vier jaar, inclusief de financiële doorrekening, samen te vatten op 1 A4’tje. De meest opvallende berekening van de financiële mannen van de PVV is dat het de-islamiseren van Nederland 7,2 miljard euro oplevert…

Idealistisch

Het gevaar is dat partijprogramma’s suggereren dat door het uitvoeren van alle voorstellen Nederland een volmaakt land zal worden. Hetzij een land voor ondernemers, voor studenten, voor de ‘gewone man’ of voor dieren. De PvdA ging in 2012 de boer op met de leus ‘Nederland Sterker en Socialer’. Na ruim 4 jaar kabinetsdeelname is er voor de sociaaldemocraten nog een hoop werk aan de winkel. En over vier jaar zal het niet anders zijn. Grenzeloos idealisme schept alleen maar verwachtingen die niet waargemaakt kunnen worden. Het resultaat is een teleurgesteld electoraat met boze burgers.

Christelijke boodschap

Nee, uit ervaring weten we dat de wereld niet maakbaar is en dat ook nooit zal worden. Het linkse, progressieve idealisme is altijd tegengevallen. Het idealisme uit het verleden wordt ook deze keer weer op een nieuwe manier gepresenteerd. Dat betekent niet dat christenen geen bijdrage mogen leveren aan verbeteren van de wereld. Integendeel, christelijke politiek doet ertoe. De overheid is geroepen om het kwaad te bestrijden en het goede te zoeken. Maar de wereld ligt gebroken onder de zonde en dat zal ook altijd zo blijven.

Die erkenning zou het handelen van christelijke politici moeten kenmerken. Het besef dat we leven in een gebroken wereld, moet leiden tot een realistische kijk op de samenleving. Tegelijk weten we dat God regeert en dat er, omdat Hij regeert, ook hoop en verwachting is. Hoe belangrijk is het dat dit geluid van enerzijds realisme en anderzijds hoop blijft doorklinken in ’s lands vergaderzalen. Ik zou zeggen: Stem voor het Leven!